Lavoro per voi

Lavoro per voiWervingsbrochure voor Italiaanse mijnwerkers (1962) Collectie Continium discovery center Kerkrade (064833)


In het begin van de jaren zestig werden de Limburgse mijnen geconfronteerd met ernstige tekorten aan personeel. In maart 1962 begonnen de mijndirecties daarom met wervingsacties in het buitenland. De gezamenlijke mijnen richtten zich in eerste instantie op Italië. Daar waren in de naoorlogse periode al eerder tijdelijke arbeidskrachten geworven. De mijndirecties hoopten  in de regio’s Sardinië en de Abruzzen ongeveer 900 gastarbeiders te kunnen rekruteren. De mijnen lieten een brochure samenstellen met informatie over het werk in de kolenwinning. Die moest jonge Italiaanse mannen overhalen naar Limburg te komen. De wervingsbrochure uit 1962 is het object van de maand november 2016.

Vraag naar mijnwerkers

Na 1958, toen de Nederlandse mijnen met een afzetcrisis van kolen werden geconfronteerd, werd het langzaam maar zeker duidelijk dat de dagen van de steenkool waren geteld. Niet steenkool, maar olie en aardgas hadden de toekomst. Het vertrouwen van veel Limburgers in de toekomst van de werkgelegenheid in de mijnbouw was daardoor afgenomen. Vooral jonge mijnwerkers verruilden het zware werk onderin voor een baan elders. In Duitsland bijvoorbeeld, waar tot 30 procent meer loon werd betaald. De mijnen werden geconfronteerd met vergrijzing van hun personeel. Verjonging en aanvulling was dringend noodzakelijk, maar op de regionale arbeidsmarkt ontbraken de mannen die nog mijnwerker wilden worden. Daarom besloten Staatsmijnen, Oranje-Nassau Mijnen, Laura & Vereniging en Willem-Sophia aan het eind van 1961 om gezamenlijk arbeidskrachten in het buitenland te rekruteren, zoals ze wel vaker hadden gedaan.
Lavoro per voiIn 1956 wierven de mijnen opnieuw in Italië. Er kwam een nieuwe wervingsbrochure. (Collectie Continium Kerkrade, 064835)

Nette mannen in een idyllisch landschap

“Er is werk voor u in de Hollandse kolenmijnen’ staat met grote letters op het omslag van de brochure te lezen. De achtergrond is een strakblauwe lucht, met niet meer dan een paar onschuldige mooiweerwolkjes. Elke verwijzing naar de mijn is op het omslag afwezig. Geen rokende schoorstenen, dampende koeltorens, grauwe steenbergen of robuuste schachtbokken. Wel enkele vrijstaande boerderijen en huisjes in een wat glooiend groen landschap. En een windmolen, het symbool bij uitstek van het land van bestemming.Lavoro per voiWervingsbrochure voor Italiaanse mijnwerkers (1962) Collectie Continium discovery center Kerkrade (064833)
In dat lieflijke landschap zijn drie jonge mannen met een mediterraan uiterlijk geplaatst. Keurige mannen, strak in het pak, die zich uitstekend op hun gemak lijken te voelen. Het beeld is duidelijk: mijnarbeid is een fatsoenlijk vak voor keurige jonge mannen. Op het stoffige, gevaarlijke en ongezonde werk kan maar het best zo weinig mogelijk nadruk worden gelegd. Maar na het werk zal er zeker ruime gelegenheid zijn te verpozen in de nieuwe, idyllische omgeving.
In de 32 pagina’s tellende brochure trof de potentiële Italiaanse mijnwerker informatie aan over het klimaat en de gebruiken in Nederland, het werk en de arbeidsvoorwaarden in de mijnen, de huisvesting en de mogelijkheden voor vrijetijdsbesteding. Ook enkele prijzen ontbraken niet. Een pakje sigaretten kostte in Nederland omgerekend ongeveer 170 lire, een pilsje kwam op 85 lire en voor een bioscoopkaartje was men 250 lire kwijt.

Selectie in Milaan

Bij de wervingsactie in 1962 verwachtten de mijnen 100 à 150 arbeiders per maand te kunnen aantrekken, tot een totaal van 900 man was bereikt. De werving gebeurde op basis van een overeenkomst die op 6 augustus 1960 was gesloten tussen Nederland en Italië. De mijnen gaven de eisen waaraan de kandidaten moesten voldoen door aan de Nederlandse Selectie Commissie in Milaan die namens de Nederlandse overheid de selectie van de arbeidskrachten verzorgde. De mijnen stuurden bovendien een eigen vertegenwoordiger naar het wervingsbureau in Milaan om toe te zien op de selectie van kandidaten. Die kandidaten moesten ongehuwd zijn en tussen de 18 en 30 jaar oud. Ze moesten gezond zijn en fysiek geschikt voor het werk ondergronds. De mijnen drongen aan op een strenge medische keuring in Milaan, zodat eventuele fysieke ongeschiktheid niet pas in Nederland zou blijken. Vakbekwaamheid als mijnwerker was niet vereist, de mijnen zorgden voor de noodzakelijke opleiding. Conform het Nederlands-Italiaanse wervingsverdrag kregen de Italianen een arbeidscontract van één jaar, met de mogelijkheid van verlenging met hetzij een jaar, hetzij voor onbepaalde tijd.Lavoro per voiIn 1949 wierven de mijnen voor het eerst na de oorlog in Italië. Brochure (Collectie Continium Kerkrade, 064834)

Weinig respons

De resultaten van de wervingsactie in Italië vielen tegen. Aan de brochure zal het wellicht niet hebben gelegen. Maar de Italiaanse economie maakte een snelle expansie door en de werkgelegenheid in eigen land nam daardoor toe. Emigratie was dus voor steeds minder jonge Italianen de enige mogelijkheid om aan de kost te komen. Bovendien was op de Italiaanse arbeidsmarkt voor werk in West-Europa de concurrentie groot van Belgische en Duitse bedrijven, die er eveneens arbeidskrachten wierven. Wat die concurrentiestrijd voor de Nederlandse mijnen extra moeilijk maakte, was de eis van de Nederlandse overheid dat de geselecteerde kandidaten ongehuwd moesten zijn. Voor gezinnen uit het buitenland was er in Nederland immers onvoldoende woonruimte beschikbaar. Alleenstaande gastarbeiders konden worden ondergebracht in gezellenhuizen. Rome zette de werving van mijnwerkers voor Nederland zelfs tijdelijk stop, omdat er geen gehuwde arbeidskrachten werden geworven. Wat bij de werving evenmin meehielp, was het feit dat de Italianen de minimumleeftijd voor emigratie op 21 jaar stelden, in verband met het vervullen van de dienstplicht in Italië. Door al deze tegenvallers konden de gezamenlijke Nederlandse mijnen in 1962 in totaal slechts 238 Italianen werven.Lavoro per voiSpaanse mijnwerkers van de Laura en Julia krijgen Nederlandse les, 1964. (Fotocollectie Continium Kerkrade, F4772)
Tot de beëindiging van de steenkolenwinning zouden de Nederlandse mijnen niet meer in Italië werven. Wel bleven gastarbeiders voortdurend nodig om tekorten aan mijnwerkers aan te vullen. Die kwamen voortaan voornamelijk uit Spanje, Joegoslavië en Marokko.
Lavoro per voiIn 1963 wierven de mijnen voor het eerst in Spanje. Op de kaft werden nette Italianen nette Spanjaarden. (Collectie SHCL)

Wervingsbrochure voor Italiaanse mijnwerkers (1962)
Collectie Continium discovery center Kerkrade (064833)
(afmetingen: 17 x 18 cm)
Object van de maand november 2016

Serge Langeweg
Museumplein Limburg, Kerkrade
oktober 2016

Bronnen:
Serge Langeweg, Mijnbouw en arbeidsmarkt in Nederlands-Limburg. Herkomst, werving, mobiliteit en binding van mijnwerkers tussen 1900 en 1965 (Hilversum 2011)
Ad Knotter (red.), Mijnwerkers in Limburg. Een sociale geschiedenis (Nijmegen 2012)
Daniela Tasca, 1001 Italianen. Vijf eeuwen immigratie in de Nederlanden (Amsterdam 2016)
Will Tinnemans, Een gouden armband, Een geschiedenis van mediterrane immigranten in Nederland (1945-1994) (Utrecht 1994)
http://www.demijnen.nl/actueel/artikel/wervingsbrochure-c%E2%80%99%C3%A8-lavoro-voi-olanda-miniere-olandesi-di-carbone-1956

  • Artikel
  • 1 november 2016
  • door Serge Langeweg

0 reactie(s)


Reacties

Uw reactie

De inhoud van dit veld is privé en zal niet openbaar worden gemaakt.
CAPTCHA
Deze vraag wordt gebruikt om te controleren of u een menselijke bezoeker bent om zo spam te voorkomen.

Bekijk ook...