Jubileumpenning in brons

Jubileumpenning in bronsJ.C. Wienecke, Jubileumpenning in brons, 1927. Collectie Continium Kerkrade 058577

Staatsmijnen bestond in 1927 precies 25 jaar. Dat betekende dat ook de mijnwerkers en beambten van het eerste uur hun zilveren dienstjubileum bij het bedrijf vierden. Voor die jubilarissen – en degenen die na hen zouden komen – liet Staatsmijnen penningen slaan, als blijk van erkentelijkheid voor 25 jaar trouwe dienst. Een bronzen legpenning voor de mijnwerkers en de lagere beambten, en een gouden draagpenning voor de hogere functies. De bronzen penning (uit de collectie van het Continium) is object van de maand september 2015. De gouden draagpenning zal in oktober worden belicht.

Een 'eerepenning in brons' 

Staatsmijnen gaf de opdracht om de ‘eerepenning in brons’ te ontwerpen aan de beeldhouwer en medailleur J.C. Wienecke (1872-1945). Wienecke werkte voor ’s Rijks Munt in Utrecht, waar hij onder meer een aantal series omloopmunten ontwierp. Als medailleur stond hij bekend om zijn realistische en tot in detail uitgewerkte ontwerpen. En dat was precies wat de directie van Staatsmijnen voor ogen stond met deze penning, ‘bestemd om te worden uitgereikt aan hen, die het bedrijf met ijver en trouw hebben gediend.’ 

Wienecke aan het werk  

Wienecke ging voortvarend aan het werk. Hij reisde af naar Limburg en bezocht het ondergrondse bedrijf van Staatsmijn Emma in Heerlen. Daar observeerde hij de mijnwerkers in de pijler. Hij keek hoe ze in de krappe ruimte werkten en hoe ze hun gereedschappen hanteerden. Ook vroeg Wienecke aan Staatsmijnen om wat gereedschappen en attributen ter inspiratie naar zijn atelier op te sturen. De ontwerper ontving uit Heerlen een kolenschop met steel, een afbouwhamer met puntijzer en een tekening van een mijnwagen. Deze elementen verwerkte Wienecke in het ontwerp van de voorzijde van de penning.
Jubileumpenning in bronsJ.C. Wienecke, Jubileumpenning in brons, voorzijde, 1927. Collectie Continium Kerkrade 058577

Volle kolenwagens  

Het eerste ontwerp van Wienecke werd bij Staatsmijnen bijna letterlijk onder de loep genomen. Geen detail ontging de mijnbouwspecialisten. Zo constateerden ze dat de houtverbindingen van de stutten niet geheel juist waren weergegeven en de verbinding van de luchtleiding met de luchtslang niet correct was afgebeeld. Naar hun oordeel had Wienecke de dakbetimmering wat te zwaar aangezet, was de haak van de mijnlamp niet helemaal juist getekend, leek de steenkool te veel op zandsteen en vooral: waren de kolenwagens niet vol genoeg. Wienecke kreeg opnieuw schetsen en afbeeldingen toegezonden, zodat hij die onnauwkeurigheden kon herstellen. 

Houwer in actie 

Op het uiteindelijk gerealiseerde ontwerp is aan de voorzijde van de penning een houwer afgebeeld. Hij werkt in geknielde houding met de afbouwhamer. Zijn werkplek wordt verlicht door een elektrische mijnlamp, die aan het houten bouwwerk hangt. De mijnwerker heeft een kolenschop onder handbereik. Daarmee zal hij de losgemaakte steenkool in de transporteur scheppen, die onder hem langs loopt.
Op het definitieve ontwerp zijn de kolenwagens boordevol met steenkool. Dat was helemaal naar de zin van Staatsmijnen. Op de  linker- en rechterwagen is het mijnwerkerssymbool Schlägel und Eisen afgebeeld; de middelste kolenwagen toont het wapenschild van de provincie Limburg. Boven de rechterwagen is de penning gesigneerd en gedateerd: J.C. Wienecke 1927.

Jubileumpenning in bronsStaatsmijn Hendrik met rechts de karakteristieke watertoren, 1952 (Fotocollectie DSM/DeMijnen.nl)
Jubileumpenning in bronsSchacht en schoorstenen van Staatsmijn Maurits in 1945 (Fotocollectie DSM/DeMijnen.nl)
Aan de achterzijde van de penning beeldde Wienecke karakteristieke gebouwen van de staatsmijnzetels af. Links zijn de koeltorens van Staatsmijn Emma herkenbaar, evenals de watertoren van Staatsmijn Hendrik. Het meest opvallende gebouw staat in het midden van de penning. Het is de betonnen schachtbok van Staatsmijn Maurits, die in 1927 gloednieuw was en de moderniteit van het Staatsmijnbedrijf symboliseerde. In de afbeelding van de schachtbok was ruimte vrijgelaten om de naam van de jubilaris te graveren.
Deze penning werd uitgereikt aan H.C.P.M. Trommelen, die in 1943 zijn zilveren bedrijfsjubileum vierde.
Jubileumpenning in bronsJ.C. Wienecke, Jubileumpenning in brons, achterzijde, 1927. Collectie Continium Kerkrade 058577

Jubileumpenning voor 25 jaar trouwe dienst
J.C. Wienecke, brons, 1927
Collectie Continium Discovery Center Kerkrade (058577)
(afmetingen: diameter 7,5 cm)
Object van de maand september 2015

Serge Langeweg
Discovery Center Continium Kerkrade
september 2015


Bronnen:
Regionaal Historisch Centrum voor Limburg, Jubileumarchief der Staatsmijnen 1927-1977 17.49, inv. nrs 3 en 7
Ed. van Gelder, ‘De gedenkpenningen van de Staatsmijnen’ In: Brunssumse Geschiedenissen (Brunssum 2002) 55-62
Jos Perry, ‘Jubeljaren. Staatsmijnen weerspiegeld in vier jubilea’ In: Publications deel 134-135 (1998-1999) 7-84

  • Artikel
  • 18 september 2015
  • door Serge Langeweg

0 reactie(s)


Reacties

Uw reactie

De inhoud van dit veld is privé en zal niet openbaar worden gemaakt.
CAPTCHA
Deze vraag wordt gebruikt om te controleren of u een menselijke bezoeker bent om zo spam te voorkomen.