Weg uit de oude mijnstreek

Weg uit de oude mijnstreekKantoor Staatstoezicht op de Akerstraat in Heerlen (Collectie Rijckheyt)

Als op 1 januari 1974 de laatste Limburgse mijn sluit, houdt ook het toezicht door Staatstoezicht op de Mijnen (SodM) op. In 2010 gaat de laatste Limburgse inspecteur - die toezicht hield op de mergelwinning - met pensioen. Toch is de band met de streek die aan de wieg stond van de oprichting van de toezichthouder niet doorgesneden.

„Formeel hebben wij geen taak in de nazorg van de mijnen. Echter, vanuit onze deskundigheid hebben wij op verzoek van de minister een plan van aanpak gemaakt voor in de toekomst te verwachten problemen van na-ijlende gevolgen van steenkoolwinning, zoals stijgend mijnwater”, vertelt Jan van Herk, hoofd afdeling Geo-Engineering bij SodM. Alle ondergrondse gegevens worden tevens geïnventariseerd en via moderne media toegankelijk gemaakt.

Af en toe komt hij nog voor werk in Zuid-Limburg. Vaker is Van Herk in Groningen, waar aardschokken als gevolg van aardgaswinning momenteel alle aandacht van de dienst vragen. Toch hebben ze bij SodM iets met die oude Mijnstreek. In de gang van het hoofdkantoor in Den Haag hangt een houten beeld van de heilige Barbara, beschermheilige van de mijnwerkers. En als er een feestje te vieren valt, is er altijd wel iemand die het oude mijnwerkerslied Glück Auf aanheft.

Archieven
„Onze archieven hebben we overgedragen aan het Regionaal Historisch Centrum in Maastricht. Inclusief de oude mijnkaarten én de mijnschadedossiers van de Domaniale Mijn in Kerkrade, die bij ons waren. Het aantal medewerkers met expliciete mijnbouwkennis loopt terug. Er zijn nog wel mijningenieurs, maar er is er nog maar één die echt in de mijnen is geweest. Zolang hier expertise is, moet daar gebruik van worden gemaakt”, zegt Van Herk. Hij doelt op dat plan om mogelijke problemen door stijgend mijnwater en ondiepe winning - zoals verzakkingen en schade aan huizen en gebouwen - het hoofd te kunnen bieden. Mijnwater stijgt jaarlijks sinds in 1994 is gestopt met het oppompen van mijnwater in de schachten Beerenbosch in Kerkrade en Goerschen in het Duitse grensgebied.

Kantelpunt
Daarnaast stijgt de bodem in het vroegere mijngebied. Overigens veel minder dan diezelfde bodem is gedaald tijdens de jaren van mijnwinning. Tot wel tien meter. In 2016 worden de resultaten van het technisch onderzoek verwacht. „We zijn er vroeg bij. Indien zich echte problemen voordoen, verwachten we die pas over twintig jaar, maar nu is het kantelpunt. En nu zijn er nog mensen die ervan weten. Je moet bijvoorbeeld die oude mijnkaarten kunnen lezen. Die zijn met de hand vervaardigd. Ware kunstwerken.”

Jan van Herk verwacht dat het uiteindelijk zal meevallen met de snelheid waarmee het mijnwater stijgt. „De Duitsers hebben er al mee te maken. Dat komt omdat de steenkoolwinning daar dieper plaatsvond dan bij ons. De Duitsers hebben oude mijngangen opengemaakt, zodat het overtollige water afvloeit via de Worm. Het zou best kunnen dat in Nederland ook zoiets moet gebeuren. Het gaat hier vooral om de oude schachtjes van omstreek 1800 in Kerkrade. Die zijn vaak gevuld met materiaal uit de omgeving, zoals takken, grond en hout. Als het water omhoogkomt, kan er drijfzand ontstaan dat wegzakt in de oude mijngangen. Dan krijg je uiteindelijk aan de oppervlakte een gat. Vergis je niet, dat kan tot twintig meter diep zijn.”

Gemeenten doen regelmatig een beroep op de expertise van SodM. Kerkrade deed dat bijvoorbeeld bij nieuwe schadegevallen in de wijk Bleijerheide die vermoedelijk zijn veroorzaakt door vroegere kolenwinning door de Domaniale Mijn. Heerlen deed het toen onder winkelcentrum ’t Loon de grond wegzakte en een sinkhole ontstond. Een deel van het winkelcentrum werd gesloopt. De oorzaak van de verzakking moet zeer waarschijnlijk gezocht worden in redelijk ondiepe kolenwinning ter plekke door de Oranje Nassaumijn I.

Oude mijnkaarten
„Bij Staatstoezicht op de Mijnen is de kennis nog aanwezig. Wij kunnen niet alleen die oude mijnkaarten lezen, maar weten ook welke gevolgen mijn- bouw heeft. Die kennis van de bodem heeft onze dienst ook nodig bij de huidige toezichtstaken op het gebied van de winning van zout, olie en natuurlijk gas.” In de nieuwe Mijnwet van 2003 komen steenkolenmijnen niet meer voor. Wel ‘moderne’ mijnbouwactiviteiten zoals de ondergrondse opslag van gas en - heel actueel - het gebruik van aardwarmte. Zoals ook het gebruik van mijnwater in Heerlen. Genoeg werk voor de ongeveer zestig medewerkers die SodM nog telt.
Het toezicht op de mergelwinning in Zuid-Limburg is sinds 2011 in handen van de provincie. Na 1974 heeft Staatstoezicht op de Mijnen zich overigens wel nog actief bemoeit met de gevolgen van vroegere Limburgse steenkoolwinning in het buitenland. In Herzogenrath, de buurgemeente van Kerkrade. Daar liggen nog tientallen oude, kleine schachten die behoorden tot de concessies van de Domaniale Mijn. Volgens Duits recht is de Nederlandse staat verantwoordelijk voor de sanering en beveiliging indien nodig. Een groot deel van die gammele antieke schachtjes is inmiddels op kosten van de Nederlandse staat gesaneerd. „Zoals een schachtje onder de parkeerplaats van de Aldi vlakbij de Nieuwstraat. Je kon vanaf die plek zo naar Nederland kijken. Dan dachten wij wel eens: er moet niet zoiets gebeuren aan de andere kant van de grens, want daar kent de Nederlandse wet geen regels voor. Gelukkig heeft minister Kamp aandacht voor wat er kan gebeuren door dat stijgende mijnwater.”

Dit artikel verscheen op zaterdag 11 april 2015 in Dagblad De Limburger / Limburgs Dagblad. Dit artikel wordt gepubliceerd met toestemming van en vriendelijke samenwerking met Media Groep Limburg. Wiel Beijer is journalist bij MGL

  • Nieuws
  • 11 april 2015
  • door Wiel Beijer

Bekijk ook...

Jaarboek SHCL 2016

Jaarboek SHCL 2016

  • nieuws
  • 9 dec 2016
Stijgend mijnwater gevaarlijk

Stijgend mijnwater gevaarlijk

  • nieuws
  • 30 november 2016
Noodfonds voor mijn(water)schade

Noodfonds voor mijn(water)schade

  • nieuws
  • 14 januari 2016